Meditatie op gebedssamenkomst

Amersfoort, 4 oktober 2004
Ds. H.J. Zuidhof


Overdenking bij Daniel 9 vers 1-19

In de vakantie ben ik begonnen te lezen in het boek van Geert Mak. In Europa, reizen door de 20-ste eeuw. Het is een dikke pil. En ook een bittere pil. De 20-ste eeuw is immers die van 2 gruwelijke wereldoorlogen. Wat drijft de volken. Wat bezielt ze toch? Schuilt onder een dun laagje beschaving zoveel duistere waanzin en machtshonger.

Geert Mak beschrijft van onderop een reis van 100 jaar door Europa. Daniel zag de geschiedenis van Azie en Europa over vele eeuwen van bovenaf, samengebald in een videoclip boordevol agressie. Eerst de ram en de dan de bok, die meedogenloos met hun horens stoten .. en maar stoten .. en maar stoten. De ene na de andere agressor trekt gruwelijke en lange sporen over de aarde. Na het zien van die beelden zit Daniël langere tijd helemaal stuk. (Ik was uitgeput en was enige dagen ziek. Ik was verbijsterd over het gezicht. Daniël 8: 29)

Dat kan een mens niet dragen. Zit het kwaad zo gruwelijk diep? En duurt het allemaal zo vreselijk lang? (De engel Gabriel sprak op het eind v h.8 over een verre toekomst.) Het heil dat God beloofd heeft is er niet in één handomdraai...

Anderzijds leest Daniel bij de profeet Jermia over Gods belofte van een hoopvolle toekomst voor Jeruzalem na 70 jaar. Die tijd breekt haast aan! Gevangen in die spanning tussen wat Gabriël zei en wat God door Jeremia beloofde ziet Daniël maar één uitweg: Hij vlucht naar de Here in gebed. In een allernederigst smeekgebed.

Waar in hoofdstuk 8 de brede volkerenwereld in beeld is gekomen -- wat drijft de volken wat bezield ze toch… en Gods eigen volk wordt vermalen door de waanzin die de volkeren beramen --, daar zoomt Daniël in z’n gebed in op Gods eigen volk. Wat heeft ons toch bezield? Dat wij God hebben verlaten, onze oren en harten dichtstopten voor zijn stem.

In hoofdstuk 8 lees je verbijstering in Daniëls ogen.
In hoofdstuk 9 zie je, hoe hij z’n gezicht vol schaamte buigt.

Het is onze schuld dat wij klem zitten in de ballingschap tussen de volkeren. Wij hebben uw naam, die U zo groot gemaakt hebt door ons te bevrijden uit klauwen van slavendrijvers, te schande gemaakt onder de volken.

Bij ons heeft Daniël wel wat streepjes voor op vele anderen in kerk en wereld Daar wil Daniël niet van weten. Hij weet zich een met Gods volk de tijden door, Eén in de schuld. Steeds weer is het: Wij… wij..

Ware ootmoed schept en versterkt de onderlinge gemeenschap.
Hoogmoed maakt individualisten en groepsdenken verdeelt.


Wij hebben gezondigd… Zeggen wij het Daniël vanuit dezelfde gezindheid na? Wij kunnen zo gemakkelijk wat afstand van elkaar nemen: Wij en zij; wij en jullie.
Twee voorbeelden:


Ja, in verwarrende tijden kunnen we de vlucht nemen naar achteren, of de vlucht naar voren. Of we kunnen steun en houvast zoeken bij krachtige leiders en voorgangers die zich duidelijk uitspreken.

Daniël vluchtte naar boven. Hij zocht alleen steun in Gods Naam, hij zocht alleen houvast aan Gods beloften. Here, U hebt uw heil belooft, een nieuw begin. U hebt uw naam uitgeroepen over uw volk. Maak uw naam groot. Ik redt het niet. Wij redden het niet. U wel Here. Ik weet het niet. U toch wel. Alle houvast buiten jezelf en je wereld zoeken, alleen bij God.

Zo’n gebed laat de Here niet onbewogen. Daniëls gebed wordt verhoord. Niet omdat de Here die grote verbijstering in Daniels ogen las. Niet omdat de Here zijn oprecht beschaamd gezicht zag.
Ware verootmoediging is geen vloertje dat we zelf leggen om op te staan of te liggen. (Zie ons nu eens).
Nee, Vanuit nood en ontreddering, vanuit schuld en schaamte vlucht je in de ene Naam: ,Jezus Christus. Wanneer we samen opzien naar Hem en bidden door Zijn Geest: Onze Vader, vergeef ons onze schulden, o Here hoor! o Here kom, blijf niet uit om Uwzelfs wil…., dan is er uitzicht! Op verhoring. Op de komst van zijn heerlijk Koninkrijk!

Na het gebed zongen we uit de Evangelische Liedbundel lied 305, geschreven door ds T. Wewver, een van de samenstellers van deze liedbundel. Hij is PKN-predikant in Bant (in de Noord-Oostpolder), iets ten noorden van Urk.
Heel af en toe kruizen onze wegen elkaar. Ondanks verschillen herkennen elkaar dan als medestrijders Want we delen dezelfde overtuiging, dat het gewicht van de zonde niet te wegen is. En we delen de ene hoop op de Ene naam die God onder de hemel gegeven heeft waardoor wij behouden moeten worden. Jezus Christus. Koning boven alle machten uit. Heer en Hoofd van zijn Gemeente!


Terug naar overzicht gebedsavond